Anne Marieke Schwencke werkt al ruim 20 jaar als energieonderzoeker. Ze is sinds 2012 actief betrokken bij de landelijke ontwikkelingen rond lokale energie initiatieven. Haar rapport Energieke Bottom-up in Lage Landen (2012) beschrijft deze opkomende burgerbeweging.  In 2013 heeft ze onderzoek gedaan voor Netbeheer Nederland naar de betekenis hiervan voor netbeheerders. Tussen november 2013 en maart 2014 heeft ze samen met het Planbureau voor de Leefomgeving gewerkt aan een onderzoek naar de relatie tussen burgerinitiatieven en gemeenten.


1. Sinds wanneer bent u actief op PV gebied en wat is uw grootste leerpunt geweest in deze periode?
Ik werk al jaren als beleidsonderzoeker in de milieu- en energiesector. In 2012 ben ik na een eigen onderzoek in de wereld van de lokale energiecoöperaties terechtgekomen. Coöporaties beginnen een steeds belangrijkere rol te spelen in de Nederlandse energievoorziening. Ze wekken lokaal duurzaame energie op, leveren lokale stroom en zijn daarnaast met energiebesparingsprojecten bezig. Het samen inkopen van zonnepanelen en realiseren van grotere zonprojecten op daken van scholen is een voorbeeld wat steeds vaker gebeurt. Als inwoners van een wijk of stad samen projecten willen starten, komt er echter meer organisatie bij kijken. Ik heb voor NetbeheerNederland en recent met het Planbureau voor de Leefomgeving meer onderzoek naar deze ontwikkelingen gedaan. (Zie http://www.pbl.nl/publicaties/energiecooperaties-ambities-handelingsperspectief-en-interactie-met-gemeenten/)

2. Wat is uw visie op de toekomst van de PV markt in Nederland en wat ziet u als belangrijkste trends voor de komende drie jaar?
Wat de energiecoöperaties betreft, verwacht ik voor de komende jaren dat zij grotere zonprojecten op gaan zetten. Er is recent een nieuwe regeling van kracht geworden, de zogenaamde postcoderoosregeling of verlaagd tarief bij coöperatieve opwekking waar momenteel veel discussie over bestaat. Omwonenden van bijvoorbeeld een zonnecentrale komen dan in aanmerking voor een verlaagd
energiebelastingtarief als ze mee financieren en samen een coöperatie oprichten.  Er zijn nog veel vragen, het is een complexe regeling en de belastingdienst speelt ook een belangrijke rol. Er zijn veel partijen bij betrokken: energieleveranciers, de belastingdienst, de coöperatie en haar leden. Hoe meer schakels hoe meer risico, De  business case is ook met deze regeling nog marginaal. 

3.Lokale energie coöperaties hebben een ware revolutie veroorzaakt op de Nederlandse energiemarkt. Kun je uitleggen wat de belangrijkste succesfactoren en lessen zijn geweest in het wel of niet slagen van deze initiatieven?
Een trend die de afgelopen jaren steeds zichtbaarder is geworden is dat burgers zich actief gaan inzetten voor hun eigen leefomgeving. Men noem dit ook wel de energieke samenleving of participatie samenleving. Dit is zichtbaar in de zorg maar ook op gebied van duurzaamheid en energie. Een belangrijke succesfactor is dat zonne-energie één van de meer betaalbare vormen van duurzame energie vormt, althans voor particulieren. Voor grotere collectieve zonprojecten is dat nu nog niet het geval.
Enige vorm van ondersteuning, via subsidie of fiscaal is nodig, anders komt dit niet van de grond. Ook burgers zullen niet investeren in deze projecten als het geen degelijk rendement oplevert, dit levert een zeker spanningsveld op. De afgelopen jaren maken gemeenten wel steeds meer geld beschikbaar om collectieve projecten te ondersteunen. Zij kunnen zorgen voor de cash flow die nodig is en de coöperaties hebben de professionals die de kennis hebben om projecten te starten met een hoge rentabiliteit. Een samenwerking tussen deze twee partijen kan geweldige voordelen tot gevolg hebben.

Comment